
In haar proefschrift beschrijft Monika Oktora een studie naar man-vrouw verschillen in medicatie patronen na de start op metformine. Bij 11.508 mensen met type 2 diabetes die gestart zijn met metformine (50.1% vrouwen) is gekeken naar de medicatieveranderingen in de eerstvolgende 2 tot 5 jaar. De meest voorkomende aanpassing na start was een doseringsverhoging, ongeveer even vaak bij mannen als bij vrouwen. Vrouwen hadden een hogere kans om naar een ander middel overgezet te worden dan mannen, zowel na start (adjusted Hazard Ratio, aHR 1.66; 95% Confidence Interval, CI 1.31-2.12), als ook na een dosis verhoging (aHR 1.48; 95% CI 1.10-1.98) of dosisverlaging (aHR 2.64; 95% CI 1.28-5.46). Aan het eind van de periode waren 9.5% van de vrouwen en 6.5% van de mannen overgezet op een ander middel. Daarnaast was bij 26.1% van de vrouwen en 31.1% van de mannen een middel toegevoegd. Opvallend was dat mannen een iets hogere HbA1c-waarde hadden bij start (7.6% vs 7.5%) en bij intensivering van de behandeling (7.7 vs 7.6). Een vervolgstudie liet zien dat geobserveerde verschillen in behandeling in de followup niet leiden tot klinisch relevante verschillen in glucose controle (HbA1c daling naar 6.8% bij vrouwen en 6.7% bij mannen). Zie verder ook de publicaties onderaan dit bericht.

de Vries ST, de Vos S, Oktora MP, Denig P. Sex disparities in medication changes after metformin initiation are associated with small, clinically non-relevant, sex differences in HbA1c levels during follow-up. Pharmacoepidemiol Drug Saf. 2024 May;33(5):e5802. doi: 10.1002/pds.5802.